Kan je zonder kennis van de andere cultuur doeltreffend communiceren?

Leestijd: 3 minuten

Een noodkreet van mentor B.

‘Elke, ik weet niet wat er aan de hand is maar het contact met C. is niet meer ok.’

Bij interculturele contacten is kennis van andere culturen vanzelfsprekend handig en verrijkend. Soms is het ook essentieel. In een onderhandeling is het zaak om de boodschappen van je gesprekspartner correct te decoderen. Auteur en INSEAD-professor Erin Meyer legt dit onder meer uit in haar boek ‘The Culture Map (2015)’. Culturele verschillen hebben wel degelijk impact op internationale handelsbetrekkingen.

Niettemin, in vele gevallen volstaan een juiste houding en algemene vaardigheden voor een doeltreffende communicatie, of die nu mondeling verloopt, schriftelijk, binnen één cultuur of tussen verschillende culturen. Als je het algemeen-menselijke uit het oog verliest, dan zal, ongeacht je kennis van andere culturen, je communicatie simpelweg niet het verwachte effect hebben.

Een patstelling, of is er een uitweg?

Maar wat was er dan aan de hand tussen mentor B. en mentee C.? Was hun communicatieprobleem het gevolg van culturele verschillen of van ‘niet volgroeide’ communicatieve vaardigheden? Wanneer de mentor contact opnam, had C. plots geen tijd meer voor een gesprek. B. voelde zich weggeduwd. Het contact verliep tot die bewuste week immers goed, vanwaar dan die plotse afstandelijkheid? Waar was het misgelopen? Ik liet B. weten zelf eens te bellen met C.

Tijdens mijn gesprek met C. kwamen vier zaken aan het licht:

  1. C. vond haar mentor erg vriendelijk en kwam er goed mee overeen;
  2. Ze was zich bewust van haar veranderd gedrag tegenover haar mentor en verontschuldigde zich hiervoor (ze vroeg me om haar excuses over te brengen aan B.);
  3. Ze maakte zich zorgen om haar vader en de omboeking van haar reis naar Taiwan had veel voeten in de aarde;
  4. Ze voelde zich terneergeslagen door de dagelijkse berichtgeving over de dodenaantallen ten gevolge van het coronavirus COVID-19. Ze had voorlopig geen zin in babbels.

Tijdens de terugkoppeling bevestigde B. dat haar mentee tijdens de laatste gesprekken inderdaad erg bezorgd was over het coronavirus. Het virus beheerst haar leven. Gelukkig lag de abrupte stopzetting van het contact met C. niet aan haar, liet B. nog weten.

Verbale versus non-verbale signalen

Een grotere kennis over de Chinese cultuur en haar gevoeligheden had dit communicatieprobleem niet kunnen vermijden of verhelpen. Iets meer tijd en ruimte om elkaar beter te leren kennen wellicht wel. Een tijdsinvestering die loont maar die om uiteenlopende redenen misschien niet altijd haalbaar is? Je verplaatsen in je gesprekspartner én luisteren naar de verbale en non-verbale aspecten van een boodschap levert nochtans kostbare informatie op. Informatie die je vervolgens interpreteert en waarvan je de interpretaties op hun beurt checkt bij je gesprekspartner. Omdat het contact in dit voorbeeld via FaceTime verliep, overigens zonder beeld, was het uiteraard voor mentor B. niet evident om helemaal tot C. door te dringen. Het Nederlands van deze mentee is bovendien erg ‘basic’. Non-verbale signalen zoals gezichtsuitdrukkingen en oogcontact, waren niet voorhanden, andere wel: eigenschappen van de stem (volume, toonhoogte), eigenschappen van het spreken (ritme, intonatie, spanning), het gebruik van stiltes, … Overschakelen op een gemeenschappelijke contacttaal – het Engels in dit geval – zou de weg naar wederzijds begrip en vertrouwen hebben vergemakkelijkt. Soms moet je als mentor pragmatisch denken en handelen, en de voorgestelde doelen (in dit geval ‘Nederlands oefenen’) tijdelijk loslaten. Uiteraard is dit gemakkelijker gezegd dan gedaan, zeker als je als buitenstaander naar een situatie kan kijken.

Oefening baart kunst

Mentoren wagen de sprong naar onbekend terrein, experimenteren, maken uiteraard ook fouten maar leren eruit via onder meer nabesprekingen. Soms doet een goedbedoelde focus op de andere cultuur het belang van het algemeen-menselijk aspect van contacten (bijna) vergeten. Zichzelf in vraag stellen en openstaan voor (constructieve) feedback helpt om hierin een evenwicht te bewaren.

Wil je als mentor aan de slag? Een paar tips:

  1. Neem de tijd om een veilige omgeving te creëren waarin je je gesprekspartner beter leert kennen;
  2. Bied je gesprekspartner een luisterend oor aan als die er nood aan heeft;
  3. Herken, erken en/of benoem onderliggende gevoelens/gedachten én check ze bij je gesprekspartner;
  4. Durf je kwetsbaar op te stellen indien je een gelijkaardige situatie/gedachte/gevoel hebt meegemaakt op voorwaarde dat dit voor je gesprekspartner een meerwaarde kan zijn. Bijvoorbeeld wanneer het idee leeft dat hij of zij als enige met dergelijke ervaringen te maken krijgt. Let op: weid niet te veel uit en verleg je aandacht zo snel mogelijk terug naar jouw gesprekspartner;
  5. Stel je de vraag: Wat heeft mijn gesprekspartner nù nodig om zich goed te voelen en verder te kunnen? Stel eventueel samen een haalbaar stappenplan op;
  6. Volg gemaakte afspraken op en stuur in overleg bij, indien nodig. Maar wees tegelijkertijd ook bereid om pragmatisme tijdelijk boven ‘idealisme’ te plaatsen.

Herkenbaar? Welke tip wil jij graag toevoegen?

Ik kijk uit naar jouw reactie!

Hartelijke groet!

Elke

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *